President Simons tijdens Jaarrede: “De olieperiode begint vóór de olie-inkomsten”
· Redactie Valerie Fris
Beluister dit artikel

President Simons tijdens het uitspreken van de Jaarrede | Bron: DNA
“De olieperiode begint vóór de olie-inkomsten. Niet pas wanneer de grotere olie inkomsten komen moet Suriname nadenken over wat te doen met deze inkomsten. Dat doen we nu al omdat die rijkdom verstandig moet worden gebruikt om de mensen in Suriname te versterken zodat niet slechts een kleine groep geniet van de rijkdom”. Zo sprak president Jennifer Simons, woensdag tijdens het uitspreken van de Jaarrede in de Congreshal.
De regering wil onder meer waarborgen dat het Spaar- en Stabilisatie Fonds vóór de eerste storting volledig operationeel is. Bij toekomstige inkomsten uit natuurlijke hulpbronnen zal telkens moeten worden afgewogen welk deel wordt ingezet voor ontwikkeling en schuldvermindering en welk deel wordt gereserveerd voor sparen en stabilisatie. De ontwikkelingen in de offshoresector worden daarbij nauwlettend gevolgd. Voor het GranMorgu-project in Block 58 staat de zogenoemde ‘First Oil’ gepland voor 2028. Volgens recente informatie verloopt de ontwikkeling van het project volgens planning. De president zei ook dat in aanloop naar de olieproductie de regering onder meer de Local Content-wetgeving verder wil ontwikkelen. Hiermee moet worden bevorderd dat Surinaamse werknemers en bedrijven daadwerkelijk profiteren van de economische activiteiten die uit de offshoresector voortvloeien. Hoewel olie en gas belangrijke toekomstige inkomstenbronnen vormen, wil de regering voorkomen dat Suriname voor zijn economische ontwikkeling te sterk afhankelijk wordt van deze sector.
De regering streeft ernaar de schuldquote vanaf 2027 op een duurzaam dalend pad te brengen door begrotingsdiscipline, economische groei, hogere staatsinkomsten en verantwoord schuldbeheer. Een belangrijk deel van de jaarrede stond in het teken van de voorbereiding op de verwachte inkomsten uit olie en gas. Volgens president Simons moet 2027 worden benut als voorbereidingsjaar om de financiële en institutionele kaders verder te versterken. Daarom wordt ingezet op verdere diversificatie van de economie. Landbouw, bosbouw, toerisme, cultuur, productie en ondernemerschap worden daarbij als belangrijke aandachtsgebieden genoemd. De nadruk ligt op het verhogen van de lokale toegevoegde waarde, het stimuleren van ondernemerschap en het creëren van werkgelegenheid. Ook natuur- en milieubescherming maken deel uit van de beleidskoers. De regering wil onder meer de controle op de goudsector versterken en de handhaving van milieuvoorschriften verbeteren.
Naast de economische agenda besteedde president Simons aandacht aan de ontwikkeling van de samenleving. Onderwijs, gezondheidszorg, sociale bescherming, huisvesting, infrastructuur en werkgelegenheid blijven belangrijke onderdelen van het regeringsbeleid. Volgens de president werd in 2026 ongeveer SRD 4,15 miljard besteed aan sociale voorzieningen. Ook werden de Algemene Oudedagsvoorziening (AOV), financiële bijstand aan mensen met een beperking, ondersteuning van sociaal kwetsbare huishoudens en de Algemene Kinderbijslag verhoogd. Binnen het onderwijs ligt de nadruk in 2027 onder meer op verbetering van de infrastructuur, versterking van de positie van leerkrachten en de ontwikkeling van een samenhangende onderwijskolom. Inmiddels is een begin gemaakt met de bouw van meer dan 50 nieuwe leslokalen. Daarnaast wordt ingezet op praktijkgerichte beroepsopleidingen en een betere aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt. Ook de gezondheidszorg blijft een prioriteit. De regering noemt onder meer investeringen in het Academisch Ziekenhuis Paramaribo, nieuwe spoedposten, versterking van het geneesmiddelenvoorzieningssysteem en hervorming van relevante wet- en regelgeving.
De verdere versterking van staatsinstituties vormt eveneens een belangrijk onderdeel van het beleid voor 2027. De regering wil processen, procedures en organisaties binnen de overheid verbeteren en zet daarbij onder meer in op digitalisering en een betere dienstverlening aan de samenleving.
Voor het komende dienstjaar zijn verschillende wetgevende en institutionele maatregelen voorzien op het gebied van onder meer belastingen en douane, investeringen, volksgezondheid, decentralisatie, elektronische communicatie, sociale voorzieningen, onderwijs en arbeidsbescherming. Volgens de president moet de versterking van de overheid bijdragen aan een efficiëntere uitvoering van beleid en een grotere betrouwbaarheid van de publieke dienstverlening. President Simons benadrukte dat de verdere ontwikkeling van Suriname niet door één persoon, politieke partij of regering kan worden gerealiseerd. “Verandering kan niet door één persoon, één partij of één regering worden gerealiseerd,” stelde zij. Zij riep op tot samenwerking tussen de verschillende staatsmachten en maatschappelijke actoren om gezamenlijk richting te geven aan de verdere ontwikkeling van het land.
De jaarrede voor het dienstjaar 2027 vond plaats in een bredere parlementaire setting, waarbij meer ruimte was voor vertegenwoordigers van verschillende geledingen van de Surinaamse samenleving. Onder anderen alle districtscommissarissen, de Staatsraad, vertegenwoordigers van het traditioneel gezag en religieuze organisaties waren uitgenodigd. De keuze voor de Congreshal maakte het mogelijk om meer vertegenwoordigers van de samenleving bij deze belangrijke parlementaire gebeurtenis te betrekken. DNA-voorzitter Ashwin Adhin benadrukte dat de locatie weliswaar verandert, maar dat de parlementaire functie onveranderd blijft. “De plaats wisselt, het instituut blijft hetzelfde,” stelde Adhin. Volgens de DNA-voorzitter biedt de Congreshal bovendien iets wat de eigen vergaderzaal van het parlement niet kan bieden: ruimte voor het hele land.
Tags
Deel dit artikel




